Nu of nooit. Hoe de voorbijgaande tijd mij helpt beslissen of ik nog een derde kind wil.

Allereerst: het woordje ‘wil’ kan mensen tegen het zere been schoppen. Je hebt immers weinig te willen als het op kinderen krijgen aankomt. Je moet maar hopen dat het lukt. Dat weet ik, en ik weet ook dat de keuze voor een derde of juist geen derde kind zeker niet alleen een kwestie van ‘willen’ is. Maar een kinderwens begint er vaak wel mee, met het wensen, het verlangen, het willen. Daarom gebruik ik dit woord.

Ik ben er wel vrij zeker van dat er hier geen derde kindje bij komt. Ik schreef eerder al een Brief aan mijn derde kind dat er waarschijnlijk nooit gaat komen, en ook een blog over Tekens die erop wijzen dat je geen kind(eren) meer wilt. Toch is er nog een deel van mij, laten we zeggen 1%, dat soms twijfelt. En dan helpt de voorbijgaande tijd mij beslissen.

Het ideale leeftijdsverschil

…bestaat niet. Maar ik ben wel (achteraf!) superblij met het relatief kleine leeftijdsverschil van twee jaar tussen mijn zoons. Een eventuele derde zou dat nooit meer kunnen ‘halen’. Die zou dan immers geboren worden wanneer Noël bijna vier jaar is, en dat ook alleen maar als ik direct zwanger zou raken, wat je natuurlijk nooit van tevoren weet. Nou heeft een groter leeftijdsverschil ongetwijfeld ook voordelen. Ik kan er zo al een paar bedenken: niet 2 kindjes tegelijk in de luiers, grote broers die zichzelf prima kunnen vermaken en die zelfs kunnen helpen met de baby. Maar dan heb je ook nog het volgende argument…

Praktisch

…het is niet praktisch. Al is het maar omdat ons huis drie slaapkamers telt, die nu dus allemaal bezet zijn. En met drie kinderen zouden we toch echt een grotere auto moeten zoeken. Of een bakfiets. In elk geval zouden er meer praktische aanpassingen gedaan moeten worden, die zeker niet onoverkomelijk maar wel een klein beetje onhandig zijn. En de vraag – zeker op lange termijn – is ook: hoe ga je dat financieel doen? Wij komen niks te kort, een eventuele derde zou dat ook niet komen, maar er blijft wel minder per persoon over, hoe je het ook bekijkt. En dan is er ook nog het (tikkeltje ijdele) argument van…

Mijn figuur

…dat al lang niet meer zo is als het ooit was voordat ik zwanger raakte, maar dat hoeft ook niet. Ik heb best wat moeite gehad met mijn verander(en)de figuur, dat is geen geheim. En het idee aan wéér die rollercoaster van (veel) aankomen, afvallen, trainen door te maken – nee dank je. Sowieso, wéér zwanger zijn met alle bijbehorende kwalen, wéér bevallen en ontzwangeren? Als de wens groot is, heb je het er natuurlijk voor over. Maar ik zit er nu echt niet op te wachten…

Mijn leven terug

…en dan het laatste, maar voor mij wellicht belangrijkste argument: ik heb steeds iets meer mijn eigen leven terug. Dat klinkt dramatisch, alsof ik hiervoor geen leven had of mezelf helemaal was kwijtgeraakt. Zo was het niet – maar wel een beetje. Met een baby en een peuter ben je nou eenmaal de hele dag door bezig. Voeden, verschonen, vermaken, er blijft weinig tijd voor jezelf over. Dat wist ik ook voordat ik eraan begon, natuurlijk, maar wat bijvoorbeeld de impact die een huilbaby op je heeft is had ik me nooit in de verste verte kunnen voorstellen. De angst om dat nogmaals mee te maken speelt trouwens ook zeker mee.

Als je kinderwens groot is/blijft, dan verliezen al bovenstaande argumenten steeds meer aan kracht. Dan neem je alles voor lief, heb je alles ervoor over. Ik heb dat nu simpelweg niet. En naarmate de tijd verstrijkt steeds minder. De enige reden om dan nog een derde te ‘nemen’ is om deze blog te voorzien van nieuwe content. En hoewel dat een ijzersterk argument is, denk ik toch dat jullie hier (van mij althans ;)) geen zwangerschapsaankondigingen (meer) kunnen verwachten…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *