Grappige uitspraken van Elia #11

Ik denk dat deze rubriek in de loop der tijd aangepast gaat worden naar ‘Grappige uitspraken van Noël’, aangezien het kleine, bijdehante broertje ook steeds grappiger wordt. Voor nu blijft de naam hetzelfde en heb ik er weer 10 verzameld. Waarbij de laatste niet echt grappig is, maar wel een van de liefste dingen die mijn oudste zoon ooit tegen me gezegd heeft. ♥

1) Klein, kleiner, kleinst.

Elia: “Toen ik baby was, was ik toch klein?”
Ik: “Ja.”
Elia: “Superklein?”
Ik: “Ja.”

Elia: “Zo klein dat niemand mij kon zien?”

2) Wat jij wil. Of toch niet.

Noël wil met zijn sokken op de tafel klimmen.

Ik: “Dat gaan we zeker niet doen.”
Noël: “Zeker wel doen.”

3) Poep op je schoen. En op je trui?

Ik: “Zit er viezigheid op je trui?”
Noël: “Ja! Vieze schijt op mijn trui!”

4) Als de wereld een gymzaal is.

Elia: “Er zijn nog steeds geen blaadjes aan de bomen.”
Ik: “Nee, maar straks wel. Dan is het zomer en kun je in een korte broek en een T-shirt naar buiten.”
Elia: “Dan lijkt het of ik elke dag ga gymmen!”

5) De Spaanse inquisitie is er niks bij…

Ik eet een boterham met hagelslag mee met de jongens. Zij mogen alleen hagelslag als ze eerst al iets anders op hun brood gegeten hebben.

Elia: “Heb jij hiervoor al iets anders gegeten?”
Ik: “Ja. Toen jullie nog sliepen.”
Elia: “Wat dan?”
Ik: “Cornflakes.”
Elia: “Had je het bakje helemaal op?”
Ik: “Ja.”
Elia: “Waar is de lepel?”
Ik: “In de vaatwasser.”
Elia: “Oké. Dan mag jij ook een broodje hagelslag.”

6) Overal ogen.

Elia en Noël spelen met hun autootjes van Cars. Die hebben allemaal ogen.

Elia: “Ik heb nog nooit zoveel ogen bij elkaar gezien!”

7) Baby uit de buik.

Ik ben met Noël bij de speelclub. Daarna zou een vriendin van me op bezoek komen met haar babydochter.

Ik: “Kom, we gaan naar huis. De baby komt bijna.”
Noël: “Ja! Uit jouw buik?”

8) Eerst zien en dan geloven.

Elia: “Wanneer rijdt Max Verstappen door onze straat?”
Ik: “Nooit.”
Elia: “Bestaat Max Verstappen eigenlijk wel in het echt?”

9) Eens een boomstam altijd een boomstam.

Elia en Noël lopen met hun vader door het bos.

Elia: “Kijk! Deze lijkt op een krokodil!”
Papa: “O ja… of op een hagedis.”
Elia: “Jaaaaa! Een hagedis!”

Noël: “Ik vind lijkt op boomstam.”

10) Tot de maan en weer terug.

Ik: “Ik hou zoveel van jou als alle druppels in de oceaan.”
Elia: “Ik hou zoveel van jou als de lucht. Want de lucht stopt nooit.”

  
  

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *