Van verwekking tot baby

Mijn bevalling: ‘Laten we allemaal maar weer naar huis gaan.’

Als ik mijn bevalling zou moeten omschrijven in drie woorden, zou ik zeggen: Heel Erg Lang.

Hij duurde namelijk, vanaf de eerste wee tot het moment dat Elia er was, 55 uur. En nee, dit is geen grap. Wás het maar een grap. Inmiddels kan ik erom lachen, maar er waren tijden dat ik er niet eens aan kon denken zonder dat de rillingen over mijn rug liepen. Dan overviel de herinnering mij letterlijk, liep ik bijvoorbeeld naar de supermarkt en kreeg ik ineens flashbacks. Ik heb mezelf in de kraamweek meermalen afgevraagd of dit iets was waar ik ooit overheen zou kunnen komen.

bornbaby

Laten we vooropstellen dat ik élke vrouw die een kind op de wereld zet een held vind. Ik kan me dan ook boos maken om commentaren van andere mensen die zeggen dat een bepaalde vrouw ‘niet zo moet zeuren’ omdat zij het, om wat voor reden dan ook, ‘makkelijk’ had. Een snelle thuisbevalling in bad, een al dan niet geplande keizersnede, een stuitligging, een ‘normale’ bevalling: elke vrouw levert een haast bovenmenselijke prestatie om haar kindje op de wereld te zetten. Dit gezegd hebbende denk ik wel dat ik het (zonder te willen klagen) zwaar heb gehad. Het cliché is gelukkig ook wel weer waar: ik zou het zo opnieuw doen.

Gebroken vliezen en Turkse pizza

Op 12 juni, mijn laatste werkdag (ik was toen precies 36 weken zwanger), begonnen de weeën. ‘Het zullen wel oefenweeën zijn,’ dacht ik. Ze deden wel pijn maar het was op zich nog goed te doen, dus ik werkte gewoon verder, besloot wel iets eerder naar huis te gaan en moest op de fiets af en toe stoppen om een wee op te vangen. Het begon me op te vallen dat ze telkens sneller na elkaar kwamen, en dat er een zekere regelmaat in kwam. Hoewel er wel een belletje ging rinkelen, kon ik nog niet geloven dat Het Echte Bevallen was begonnen. Ik stelde me daar veel meer pijn bij voor dan ik op dat moment had, en zelfs toen mijn vliezen gebroken waren leek het me nog niet direct nodig om de verloskundige daarvan op de hoogte te stellen. In plaats daarvan ging ik een Turkse pizza eten bij een snackbarretje hier om de hoek, ondertussen wat weeën wegpuffend. Ik belde een vriend van me die gynaecoloog is, hij zei: “Waarom bel je in hemelsnaam mij en niet de verloskundige? Je bent 36 weken zwanger en je vliezen zijn gebroken! Je wordt mama!”

Yes! Een tweelingzoontje!

De Turkse pizza was op, ik ging weer naar huis en belde de verloskundige. Zij kwam er direct aan, bekeek het vruchtwater dat ik in een vlaag van helderheid had bewaard (gewoon in de wc pot hoor haha) en zei dat we nu naar het ziekenhuis moesten. Dit vond ik helemaal niet erg, ik wilde sowieso al in het ziekenhuis bevallen. Gek genoeg kwam er een soort kalmte over me heen, ik was al een tijdje he-le-maal klaar met zwanger zijn en, het beste, mijn zoontje zou als sterrenbeeld tweeling krijgen (hetzelfde sterrenbeeld als zijn mama :)). Verheugd vertelde ik dit aan de verloskundige, die me aankeek of ik gek geworden was. Ik pakte mijn vluchttas zo goed en zo kwaad als het ging in (achteraf gezien had ik het goed gedaan, zelfs geïmproviseerd) en nam tevreden plaats in haar kleine autootje. Tijd om mijn baby eindelijk te ontmoeten!

50 uur later…

Er was alleen 1 scenario waar ik geen rekening mee had gehouden, en dat was dat hij er 50 uur later nog niet zou zijn. Om een lang verhaal kort te houden: omdat hij prematuur was, wilden ze de bevalling niet stimuleren en zat er dus niks anders op dan afwachten. De weeën werden soms heftiger maar zwakten dan weer af, de tijd verstreek, ik werd zo moe dat ik alleen nog maar aan slapen kon denken, het babybedje werd de kamer meermalen ingereden en weer weggehaald, totdat ik oprecht niet meer dacht dat hij er ooit uit zou komen. Meermalen heb ik gedacht ‘waarom ben ik hier nog, laten we allemaal maar weer naar huis gaan en verder gaan waar we mee bezig waren’. Totdat ik eindelijk die pijn voelde waarvan ik me (min of meer) had voorgesteld dat hij zou komen.

Geen pijnstilling, wel een knip

Toen ze eindelijk gingen voelen hoeveel ontsluiting ik had (dat kon eerder niet in verband met infectiegevaar), bleek ik 8 cm. te hebben. Halleluja. Minder goed nieuws was dat ik twee uur later nog steeds 8 cm. had. Dit gedeelte was echt niet leuk, en dat is een eufemisme. Het was het pijnlijkste dat ik ooit heb meegemaakt, en het voelen van de ontsluiting was nog het minste van alle kwaden. Er bleek nog een randje vlies te zitten dat de gynaecoloog wel even weg zou halen met behulp van een soort scherp haakje. Voor alle vrouwen die nog moeten bevallen en die niet ter plekke flauw willen vallen zal ik verdere details besparen maar als je ergens geen haakje wilt dan is het in je… oké mijn punt is duidelijk, na nog zo’n anderhalf uur ellende van de ergste soort was daar de beloning der beloningen: mijn lieve, kleine kindje, mijn zoontje Elia.

Zielsgelukkig en met een pijnlijke doos

‘Hoe voel je je?’ werd mij een paar uur later door vriendinnen gevraagd. ‘Zielsgelukkig en met een pijnlijke doos,’ stuurde ik terug. En zo was het. Allerlei emoties door elkaar. Getraumatiseerd, door de uitputtingsslag. Pijn, van alle aangerichte schade down there. Opluchting, omdat hij er eindelijk was. Liefde, voor de babydaddy die me zo goed geholpen heeft en voor de mooiste baby van allemaal.

4 gedachten over “Mijn bevalling: ‘Laten we allemaal maar weer naar huis gaan.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *